'Hodgepodge' under sail


Lelystad 'Bataviahaven' woensdag 10 september 2014 rond 12.45 uur, rustig werden de trossen binnen boord gehaald en kwam de 'Kind of Magic', de Koopmans 40' one-off van Henk, onze schipper, zanger en gitarist los van de steiger, we waren vertrokken. We, dat waren behalve Henk ook Hans, Nico, Ger en ondergetekende, kortom 'Hodgepodge' op Jan Willem na, onze banjoist, die jammer genoeg was verhinderd. River Orwell was ons doel, de getijde rivier die in Graafschap Suffolk, ergens nabij Mendlesham Green als River Gipping ontspringt, en nabij Ipswich River Orwell wordt. Welke vervolgens behoorlijk aangedikt en voor coasters bevaarbaar, uiteindelijk tussen Felixstowe en Harwich uitmondt in de Noordzee. De aan de River Orwell gelegen marina's Woolverstone nabij Pinn Mill en Neptune in Ipswich hadden we als doel gesteld. Verder hoopten we, dat ons in één of andere pub aldaar de gelegenheid geboden werd om een stukje te spelen, we hadden de muziekinstrumenten in ieder geval bij ons. Maar zover was het voorlopig nog even niet, voor vandaag eerst IJmuiden maar eens aandoen!

Met een mooi bakstagwindje, max. 4 Bft. lagen we op de Markerwaard met alle zeilen bij (grootzeil, kotterzeil, genua) al gauw op de juiste koers naar de Schellingwouderbrug en de Oranjesluizen. Prachtig hoe alles erbij stond, een feest. En toen beide lappen vóór, na een tijdje werden vervangen door de spinnaker, werd het nog een kleurrijk feestje ook. Genieten, we waanden ons bij tijd en wijle in het walhalla, het zeilers-walhalla wel te verstaan, en dat al zo kort na ons vertrek!

Maar goed, na verloop van tijd verzeilden we uiteraard wel in de trechter van de aanloop naar de Schellingwouderbrug en de Oranjesluizen. Alle lappen gingen voorlopig in de ban, en het ijzeren zeil werd bijgezet. Het oponthoud bij brug en sluis viel mee, en eenmaal op het IJ ging de reis voorspoedig verder westwaarts. Rond 21.25 waren we de Middensluis in IJmuiden door, 15 min. later lagen we afgemeerd in de Vissershaven.

Amper afgemeerd kregen we de douane op ons dak, al bleven ze met hun zaklampen wel mooi op de kade staan schijnen. We hadden niets te verbergen of aan te geven, maar ik kan me voorstellen dat die jongens even kwamen kijken. Want vanaf de kade gezien moest de 'Kind of Magic' achter in die oude haven in het donker tussen allerlei troep op z'n minst wel vragen oproepen. Maar een gesprekje was voldoende om vertrouwen te winnen. Welterusten en een goede vaart.

Na een bijkant haute cuisine dinner menu met vers gebakken snoekbaars, een goede nachtrust en een goed ontbijt voeren we s' morgens rond kwart over tien weg uit de oude Vissershaven. Een kwartier later verdwenen de pieren van IJmuiden achter ons langzaam uit beeld. Hoewel langzaam, de stevige N.O. bries van 5 à 6 Bft. blies ons ook zonder spinnaker met gemidd. 7 knopen door het zilte nat. Als dat zo doorgaat zijn we s' morgens rond vier uur in Woolverstone!


We bleven maar gaan als een speer, mijl na mijl. Regelmatig zag ik op het log uitschieters van 8 tot 9 knopen. Wat een genot! Uiteraard beleefde iedereen dat in de kuip op z'n eigen manier. Dan weer was het stil, en zaten we min of meer in ons zelf gekeerd naar de horizon te staren, dan weer zaten we in een geanimeerd gesprek verwikkeld. Uur na uur gleed voorbij, en zo kwamen we op enig moment vanzelf een keer bij de vijf in het uur terecht, tijd voor een pikketanisje of anderszins. Wat is er toch zo mooi aan zeezeilen? Zolang ik zeil vraag ik me dat al af. Iemand zei eens tegen me dat hij maar twee dingen leuk vond aan het zeezeilen t.w. het vertrek en de aankomst, alles daartussen in was bagger! Hoewel ik bij tijd en wijle, zeker na een heftige oversteek, wel begrip kan opbrengen voor die mening, deel ik hem zeker niet. Het is eigenlijk aan een ander vaak moeilijk uit te leggen wat zeezeilen zo boeiend en aantrekkelijk maakt. Altijd maar dat verlangen naar zee en verre einders! Scheepsarts en dichter J. Slauerhoff (1898-1936) uit dit verlangen in zijn gedicht 'Zeekoorts' als volgt:

Ik moet weer op zee gaan, een goed schip en in 't verschiet
Een ster om op aan te sturen, anders verlang ik niet.
Het rukken van 't wiel, 't gekraak van het hout, het zeil ertegen,
Als de dag aanbreekt over grauwe zee, door een mist van regen.

Want de roep van de rollende branding, brekende op de kust,
Dreunt diep in het land in mijn oren en laat mij nergens rust,
't Is stil hier, 'k verlang een stormdag, met witte jagende wolken
En hoogopspattend schuim en meeuwen om kronk'lende kolken.

Ik ben een gedoemde zwerver, waar moet ik anders heen?
Maar gelaten door de wind gaan, weg uit de stad van steen.
Geen vrouw, geen haard verwacht mij. Ik blijf ook liever zonder.
'k Heb genoeg aan een pijp op wacht en een glas in 't vooronder.


Mooi, poëtischer kan haast niet! Over dat glas in 't vooronder hebben we het trouwens al min of meer gehad toen de vijf in het uur kwam. Maar op zeker moment kwam ons in de kuip vanuit de kombuis een geur tegemoet drijven die ons deed watertanden. Als wat Nico daar aan het kokkerellen is, net zo smaakt als het ruikt, moeten we straks goed op onze vingers letten. En dat deden we! Raasdonders met rookspek, uien en zout, om je vingers bij op te eten daar midden op zee. De vraag of al dit heerlijks straks meer plaatselijke rukwinden zou gaan opleveren lieten we maar in het midden. En zo zeilden we de nacht in.

De laatste 20 à 25 mijl op zee werden gekenmerkt door een wat rustiger tempo. Nog altijd gingen we 5 à 6 knopen, maar de wind kakte gaandeweg meer en meer in. Het was in het donker tijdens de aanloop naar Orwell River even goed uitkijken naar de juiste boeien in dit drukke vaargebied, maar dat ging uiteindelijk probleemloos. Met een rustig gangetje tuften we de Orwell op, rond 06.30 uur plaatselijke tijd, 21 uur na vertrek, meerden we af in de Woolverstone Marina.

Windstilte, opkomende zon, een fraaie dag diende zich aan. Maar eerst moest er wel wat geslapen worden, anders zouden we tijdens de middaguren vast en zeker de man met de hamer tegen komen. Met enkele slaapmutsjes op gingen we daarom even heerlijk onder zeil! Even na middag zijn we vervolgens naar Butt & Oyster gewandeld.

Een prachtige wandeling van ongeveer een halfuur over de glooiende akkers langs de Orwell River, met zo hier en daar eeuwenoude eiken en bosschages, naar de onder zeilers zo bekende pub in Pin Mill. De pullen Guinness of anderszins lieten we ons weer smaken als vanouds. Lekker sfeertje daar, al vonden we het niet meer helemaal als vroeger. Maar dat is een subjectieve beoordeling, want wij zijn denk ik ook niet helemaal meer zoals vroeger!

Terug aan boord van de 'Kind of Magic' hadden we natuurlijk weer trek gekregen van al dat gesjouw. Derhalve werd er weer gekookt en gebakken alsof het een lieve lust was. En dat was het natuurlijk ook! Hans ging ondertussen even bij de 'Royal Harwich Yacht Club' langs om te informeren of 'Hodgepodge' daar vanavond mogelijk kon musiceren. Hij kreeg jammer genoeg nul op zijn rekest, ze waren reeds voorzien. Ons diner smaakte er echter niet minder om!

Rond 11.30 uur plaatselijke tijd gingen de andere dag de trossen los van de 'Kind of Magic' in Woolverstone Marina, voor de korte trip naar het iets verderop aan de Orwell River gelegen Ipswich. Een stad en Engels district in het Graafschap Suffolk volgens de boekjes, met ruim 117000 inwoners op een oppervlak van krap 40 km2. Mooi, dat namen we integraal voor kennisgeving aan, maar primair was ons doel een goede ligplaats te vinden voor een paar nachtjes in of tegen het intrigerende stadscentrum aan. En dat is aardig gelukt, al moesten we eerst nog wel onder de Orwell Bridge door in de A14 en wachten voor de sluis naar de Neptune Marina. De Orwell Bridge was voor ons met haar doorvaarthoogte van ruim 38 tot 42 meter (afhankelijk van het tij) geen enkel probleem, en de sluis naar de Neptune Marina met een wachttijd van hooguit een half uur eigenlijk ook niet. En zo kon het gebeuren dat we 1,5 uur na ons vertrek uit de Woolverstone Marine, in Ipswich al konden aanmeren in de Neptune Marina.

Ipswich schijnt in het oosten van Engeland zo niet de oudste dan wel één van de oudste steden te zijn. Onze wandeling die middag daar langs diverse fraaie vakwerkhuisjes in bijvoorbeeld de St Nicholas Street maakte het één en ander zeer geloofwaardig, om van het bekende Ancient House maar te zwijgen. De wandeling door het stadshart van Ipswich ervoeren we allemaal als een aangename verrassing. Prachtige gevels, leuke sfeer en gezellige pub's.

In de Fore Street liepen we tegen het uithangbord van Lord Nelson Inn aan, een oldie worldie pub met veel charme achter een oude pittoreske vakwerkgevel. We moesten uiteraard aan 'Nelson's Farewell' denken, de hilarische lyric die Joe Dolan in 1966 schreef en ook deel uitmaakt van ons repertoire. (Zie stukje 'Nelson's Farewell Lyrics' van j.l. april in ons blogarchief) Beetje jammer voor ons dat ze ook hier 's avonds al waren voorzien van een band.

Van al dat slenteren door het stadshart kregen we op enig moment zin in een pitstop. Cock & Pye, een pub in de Upper Brook Street achter een eeuwenoude vakwerkgevel, bood soelaas met de aloude pub klassieker Fish & Chips met groene erwten en bier. Bij Lord Nelson Inn, waar we later nog een biertje dronken, maakte de band zich op voor de avond. Enigszins hilarisch was de drummer en de joekel van een ventilator pal naast zijn drumsetje.

Terug aan boord van de 'Kind of Magic' hebben we onze instrumenten maar eens voor de dag gehaald. Beetje jammen, beetje repertoire, van alles wat. Genoeglijke momenten waren het! Op een gegeven moment is één van ons toch maar even buiten gaan luisteren, of we mogelijk geluidsoverlast veroorzaakten op de haven. Dat viel mee volgens Bartjens, als we het luik maar dicht hielden. Met een pikketanisje erbij is het die avond erg laat geworden.

Laat naar bed of niet, de andere morgen waren we allemaal weer op tijd op. Op ons programma hadden we een wandeling naar het Christchurch Park gezet. Zo gezegd, zo gedaan, al liepen we aanvankelijk wel de verkeerde kant op. We konden er gelukkig om lachen. Voor een beetje cultuur doken we in het park al snel het Christchurch Mansion in. Een Tudor landhuis dat te boek staat als de parel in de kroon van het ruim 500 jarig historisch verleden van Ipswich.

'Isaacs Lord' daar keken we vanaf de 'Kind of Magic' de hele tijd tegen aan. Architectonisch gezien een interessante plek in het overwegend vernieuwde waterfront van Ipswich. 'Isaacs Lord' is een pub bestaande uit een mix van oude gebouwen, nieuwe inrichtingen en grote terrassen met uitzicht op de haven. Ipswich zat er voor ons bijna op, maar we hebben daar zondag in het zonnetje nog een hele tijd genoten van de mensen, het uitzicht en de Guinness.

Op maandagmiddag rond 12.30 uur plaatselijke tijd gooien we de trossen los in de Neptune Marina en tuffen we naar de vijf minuten verderop gelegen sluis. Daarvoor hebben we water getankt en hebben we nog even een supermarkt in Ipswich bezocht. Want ja, we hebben weer een tripje van een etmaal voor de boeg, dus moeten we de zaakjes wel op peil hebben. Het weer is goed, weinig wind trouwens, en nog steeds uit het N.O. Af en toe strijkt ze ons zacht door de haren, laten we hopen dat ze dat buitengaats wat prominenter doet. We zullen zien! Een goed halfuurtje later varen we weer onder de Orwell Bridge door en verdwijnt Ipswich achter ons uit zicht. Zachtjes glijd even later ook Woolverstone Marina aan stuurboord voorbij, en weer even later But & Oyster. In de verte doemen de kranen van Felixstowe al op, nog een goed uurtje en we zitten weer op zee. Gelukkig wel iets meer wind hier, al komt ze wel uit de richting waar we juist heen moeten!

Orwell River is één van de meest schilderachtige en historische rivieren van het land, ze schijnt door de RYA (Royal Yachting Association) officieel te zijn uitgeroepen tot de tweede mooiste rivier van Engeland. Hoewel we vaak mooie rivieren hebben gezien in Engeland, voelen we geen behoefte deze classificatie te weerspreken. De rivier loopt door een mooie natuur aan beide oevers, hier en daar geaccentueerd door landhuizen en kerkjes.

Nog even en we zitten weer op zee! Felixstowe is volgens de boekjes de grootste containerhaven van Engeland. Dat geloven we zo gezien de afmetingen van de containerschepen en de enorme hoeveelheid kranen in het gebied. Wat we vanaf de monding van de Orwell River niet kunnen zien is de plaats Felixstowe zelf. Je zou het van hieruit niet zeggen, maar Felixstowe is een heerlijke badplaats en heeft een levendig en gezellig centrum.

Weinig wind, maar we zeilden zowaar. De eerste tijd min of meer parallel aan de kust, later wat hoger aan de wind. Maar tegen het einde van de middag liet Aeolus ons in de steek en hebben we de zeilen toch maar gestreken, en de voortgang overgedragen aan het ijzeren zeil. Al hadden we reeds een sterk vermoeden, we wisten op dat moment nog niet dat ze dat tot aan IJmuiden moest volhouden. Niet erg, we waren snel gewend aan het vertrouwelijke staccato gebrom.

En zo gingen we de nacht in. Uur na uur verstreek, in een constante gleden de mijlen onder ons door. En zo te horen was Nico weer in de kombuis aan het kokkerellen geslagen, nasi zo te ruiken. Buiten de shipping lane hebben we ons onderdeks met z'n allen op het resultaat geworpen. Moest even kunnen, vooraf wel even goed rond gekeken natuurlijk, verder hadden we benedendeks een scherm waarop we de bewegingen om ons heen konden volgen!

Rond 3 uur 's middags ca. 23 uur na ons vertrek uit Ipswich lagen we voor de sluis te wachten in IJmuiden. Een halfuurtje later voeren we het Noordzeekanaal op richting Amsterdam. De nieuwe jachthaven even ten westen van het Centraal Station was ons doel, maar het gedoe met bruggen zagen we bij nader inzien niet zitten. En zo lagen we rond half zes die middag weer gewoon in de oude vertrouwde Sixhaven afgemeerd. Die er overigens keurig uiziet na de renovatie.

Middels de pont zaten we snel in het centrum. Eerst een pilsje bij 'T Loosje' aan de Nieuwmarkt, toen een hapje bij 'Da Giorgio' in de Warmoestraat. Daarna aan de Oudezijds Voorburgwal nog een biertje gedronken, alwaar we aan de praat raakten met ene Pieter de Kam, schipper van het vorig jaar in Ierland vergane tallship 'Astrid'. Een dramatische gebeurtenis waarbij gelukkig geen slachtoffers zijn gevallen. Bij thuiskomst heb ik het nog eens opgezocht.


Bovenstaand filmpje van het gebeuren heb ik van het internet geplukt.

Na een goede nachtrust in de Sixhaven zijn we rond een uur of twaalf vertrokken richting Lelystad. Het zag er goed uit, niet teveel wind, maar mogelijk dat we toch nog een beetje konden zeilen op de Markerwaard. Evengoed hebben we bij de bunkerboot voor de Oranjesluizen toch maar eerst nog wat diesel getankt. Eenmaal door de sluis en de Schellingwouderbrug gingen de zeilen echter omhoog. Relax hebben we de laatste mijlen naar de thuishaven kruisend afgelegd. Rond halfzes voeren we met de 'Kind of Magic' de 'Bataviahaven' binnen waar we door Joke, eega van onze schipper, zanger en gitarist hartelijk werden verwelkomt. Einde van een prachtig zeiltochtje met de boys van 'Hodgepodge'.

2 opmerkingen:

  1. Wauw, wat een mooi verhaal en wat hebben jullie in die paar dagen nog veel gedaan. Super mannen, die moeten jullie erin houden. Minstens 1x per jaar.
    Evert, petje af voor de story!!!!
    Lieve groetjes van Joke de kapiteinsvrouw.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Mooi verslag Evert. Die herinnering kunnen ze je niet meer afnemen.

    BeantwoordenVerwijderen